Aristeia Omdat de werkelijkheid te denken geeft

Twee emmertjes halen

Met grote regelmaat worden we geconfronteerd met al dan niet gevraagde adviezen betreffende hoe het moet. En ‘het’ kan hierin van alles zijn, zoals: het leven, specifieke werkzaamheden, gelukkig zijn, het wassen van de auto, omgaan met een huilende baby, communiceren, studeren, etcetera. Gelukkig is de diversiteit aan adviezen zo groot, dat je maar een ding kunt concluderen: de adviseur weet het ook niet, maar dat weet hij zelf alleen nog niet! Maar of je nu veel wijzer wordt van die kennis, dat weet ik ook niet.

Het verwondert mij, dat we nog net niet worden doodgegooid met de al dan niet goed gemeende adviezen. Waar is zo’n advies nu op gebaseerd? Wellicht op een gebeurtenis waarin de adviseur zelf ook geadviseerd is. Van wie krijgen we het advies dan eigenlijk? De adviseur zou het ook zelf bedacht kunnen hebben, en als hij dat heel goed doet, dan wordt hij een goeroe. Hij zal zijn adviezen hebben uitgeprobeerd in de praktijk en zal geconstateerd hebben dat ze werken. Klinkt plausibel. Maar hoe controleer je dat? Je kunt moeilijk een vergelijkend onderzoek doen en het is al helemaal moeilijk om vast te stellen wat de werkende factoren zijn in de betreffende context.

Wat is een goed advies? Is dat een advies dat simpel en eenvoudig is, of dat de complexiteit van de betrokken werkelijkheid in kaart brengt met de consequenties en de consequenties van de verschillende mogelijkheden, kortom een compleet uniek verhaal. Is persoonlijk succes echt te herleiden tot een x-aantal eigenschappen? Is persoonlijk geluk te herleiden tot iets als ‘blijf bij jezelf!’, of weet ik welke ander formulering? Gelukkig-zijn is kennelijk zo eenvoudig dat de weg er naar toe past in een boek, en vaak is zo’n boek niet zo heel dik en heeft grote letters. Wonderlijk genoeg is dat er wel heel veel van die boeken zijn, die het overigens niet allemaal met elkaar eens zijn. En ondanks deze overduidelijke aanwezigheid van alternatieven gelooft de auteur nog steeds dat hij of zijn de waarheid in pacht heeft. En ook een uitgever gelooft erin. Maar de vraag is, waar die uitgever in gelooft, in de inhoud of in de omzet van het boek? En kunnen we dezelfde vraag stellen aan de auteur. En nu gebruik ik hier als voorbeeld de zelf-hulp-boeken, maar hoe zit dat met veranderingsmanagement, managementtheorieën en succesvol leiderschap?

Tegenover het handboek staat het advies dat alles goed is en dat er geen fout is. Commercieel is dit niet zo interessant omdat dit moeilijk in een boek van meer dan één pagina te vatten is, dus doorgaans komen we dit louter tegen bij adviserende personen en niet in de boekwinkel. Wat hier zo vervelend aan is, is dat de vrager compleet miskend wordt. Stel dat de vrager wil weten hoe hij iets het beste kan doen, dan veronderstelt dat, dat die vrager dat niet weet, of dat hij niet zeker is over zijn eigen antwoord. Zeggen dat wat hij ook doet goed is, negeert zijn vraag en daarmee de persoon. Je zou natuurlijk ook kunnen zeggen dat de adviseur van de nodige bescheidenheid getuigt omdat hij van zichzelf zou weten dat hij het niet weet. Maar waarom dan adviseren, je kunt ook gewoon niets zeggen of dan toch op z’n minst iets in de trant van ‘ik weet het ook niet’ om vervolgens de handdoek in de ring te gooien als adviseur, maar of dat laatste interessant is? Kunnen we als mens wel louter toekijken?

spices
De tweede vorm ‘alles is goed’ staat lijnrecht tegenover de eerste vorm ‘dit moet je doen’ omdat ik ze allebei beschouw in het perspectief van analyse en waardering van de werkelijkheid en het menselijk gedrag. Bij de eerste ‘dit moet je doen’ staat de waardering bij voorbaat vast; de adviseur spreekt waarheid. De tweede ‘alles is goed’ doet iedere waardering verdwijnen. Daarmee neigt de eerste naar een dogma (altijd hetzelfde antwoord ongeacht de vraag) de tweede vervalt in volledige willekeur. De eerste hoeft niet te kiezen, de tweede kan niet kiezen (omdat hij geen referentiekader heeft). Of in een visueel voorbeeld: wat is je vraag? Het antwoord staat op de bal die je trekt uit de emmer. Emmer 1 bevat één bal met één antwoord, emmer 2 honderden ballen met evenveel antwoorden. Ik denk dat deze twee adviseurs ontzettend goed kunnen samenwerken, mits de eerste mag zeggen wat er moet gebeuren en de tweede dan zegt ‘alles is goed’, andersom werkt het volgens mij niet. Geen van beide partijen getuigen van een zorgvuldige analyse van de setting, van de waardering hiervan en van de consequenties die dat heeft en dus moet ieder antwoord gewaardeerd worden. En het is nogal wat voor iemand die waardenloosheid hoog in het vaandel heeft staan om zo’n waardevolle gedachte te formuleren.

We plaatsen cookies, zo min mogelijk en altijd anoniem.