Aristeia Omdat de werkelijkheid te denken geeft

Vervreemding en kwaliteiten

Vervreemding; het aflossen van een lening met geleend geld (een klachtschrift)

Kun je rood leren kennen door alleen die zaken aan te wijzen die niet-rood zijn? Kun je verantwoordelijkheid leren door onverantwoordelijk te zijn? En kun je sociaal gedrag leren kennen door a-sociaal te zijn? En dan zoemt er nog eentje door mijn hoofd, kun je leren nadenken door ondoordacht te handelen? Wat is nodig om een goed mens te zijn? En hoe kun je dat leren? Wellicht een vraag die eerder bij een opvoedkundige stelling past dan bij een filosofische stelling. Met de huidige berichten in de media en het voorbeeldgedrag van onze Groten der aarde (lees: directeuren, presidenten, topsporters en leiders) wordt dit wellicht toch weer een actuele vraag. Goed gedrag wordt doorgaans gerelateerd aan kwaliteiten: vaardigheden en houdingen passend bij een specifieke taak en functie.

De mens is verworden tot een onderdeel in het productie- en consumptieproces; en dit alles houdt onze economie draaiende. De mens produceert en consumeert cultuurgoederen en wijkt zelf niet zo veel af van dat wat hij maakt en consumeert. Of je nu over een auto, een huis, een televisie of een mens hebt, er wordt in gelijke taal over nagedacht en gesproken. Kwaliteiten en kenmerken, dat is waar het om gaat. De advertenties voor de verkoop van producten en de werving van mensen wijken niet zo veel af, hoogstens in opmaak. We werven zakelijk en verkopen op begeerte. En hoe zit het met de contactadvertenties? Dating is alom tegenwoordig en de eisen voor de ideale partner worden geformuleerd als ware het wasmachines, speeltoestellen en films.

Alles, mens en goederen, wordt uitgelegd aan de hand van de doelen die het dient. En vaak zijn deze direct gerelateerd aan een gevoel van geluk en succes. Maar wat dit is, dat is voor velen onduidelijk. Ongeluk dat kennen we wel, dat is namelijk de afwezigheid van geluk en succes. En toch geven we onszelf voor ons leven gemiddeld een zeven komma nogwat op de geluksschaal die loopt van één tot tien. Maar ja, als je veel van de noodzakelijke kwaliteiten en beschrijvingen bezit, dan moet je wel gelukkig zijn, toch?

Geluk was voor Aristoteles een afgeleide van een deugdelijk leven. Een deugd is iets anders dan een kwaliteit. Een kwaliteit dient namelijk een doel buiten zichzelf en een deugd is goed om zichzelf. Passend bij deze tijd beschikken we over kwaliteiten: de mens dient namelijk een doel buiten zichzelf. Het meest ondeugdelijke in de ogen van Kant; een mens is nooit een middel maar altijd een doel op zichzelf. Voortreffelijkheid is volgens Aristoteles de grootste deugd. Verstandigheid en vrijgevigheid deden het ook goed in zijn tijd. Tegenwoordig lijken mondigheid (het hebben van een mening) en individualisme (het opkomen voor jezelf) belangrijke deugden. Er is maar weinig inlevingsvermogen voor nodig om deze te zien doorschieten tot brutaliteit, niet luisteren en egoïsme. Gedrag wat doorgaans toch wel onverstandig is en waarbij ook de vrijgevigheid ver te zoeken is. Vanwege lijfsbehoud kijken we vaak liever de andere kant op als er iets mis gaat. En als het dan goed mis is, dan zoeken we een dader - we voelen ons slachtoffer - en kijken niet naar onze eigen rol en verantwoordelijkheden en kijken alleen naar datgene wat ons in onze ogen ten onrechte is aangedaan.

De centrale rol van kwaliteiten en de afwezigheid van deugden maken van de mens een middel. De mens wordt geobjectiveerd en verwordt tot cultuurgoed, passend bij massamedia en massale (stille) tochten. Het gat dat de vervreemding slaat wordt gevuld met nieuwe cultuurgoederen en kwaliteiten. Dit is als het aflossen van een lening met geleend geld. De individualiteit is maar schijn, want de keuze is beperkt (alle winkels verkopen hetzelfde) en onze huizen worden tot showroom van de laatste trend. Zo houden we de wereld draaiende en vervreemden hoe langer hoe meer van onszelf als mens.

We plaatsen cookies, zo min mogelijk en altijd anoniem.