Aristeia Omdat de werkelijkheid te denken geeft

Anselmus

Grote denkers 2

Het valt niet mee, een geschikte denker uit de Middeleeuwen te kiezen.
Centraal thema is de relatie tussen godsdienst en filosofie, tussen geloof en rationaliteit

Augustinus was bekend met de ideeënleer van Plato en hij probeerde deze kennis te combineren met het Christelijke geloof.
Thomas van Aquino kwam in aanraking met de werken van Aristoteles, die wetenschappelijk gezien veel omvangrijker waren dan die van Plato. Hij stond dus ook voor de opdracht: kiezen voor een van de twee of deze twee verenigen. Hij deed het laatste.

Anselmus en Abelard gingen met de logica aan de gang. Anselmus komt zo tot zijn (sinds Kant genoemde: ontologisch) godsbewijs. Abelard gaat bovendien aan de gang met ethica en taalanalyse. Zijn Ethica draagt als ondertitel: ken uzelf

Ook Johannes Duns Scotus is een mogelijkheid, zijn denken heeft grote praktische impact. We kunnen als mens drie dingen weten, die dingen die voor zichzelf spreken (a priori kennis), die dingen die we rechtstreeks uit ervaring leren kennen, en de kennis die we hebben van onze eigen daden.

Ik kan ook het scheermes van Ockham centraal plaatsen, waarin de waarde van eenvoud tot uitdrukking komt.

Het wordt Peter Abelard (ook wel Petrus Abaelardus), interessant en omstreden, een kritische denker, een man die twijfelt. Hij hanteert de dialectische methode, waarin hij een vraag beantwoord vanuit twee verschillende standpunten om zo tot een oplossing van de vraag te komen. Zelden komt hij tot een dwingend antwoord. Hij verwerpt het godsbewijs van Anselmus, zijn denken is tegengesteld aan de kerkelijke dogma’s en hij verbindt de zonde aan de vrije wil.
blog comments powered by Disqus

We plaatsen cookies, zo min mogelijk en altijd anoniem.